Over de canon van de geschiedenis

herbloggen van onderstaande link

Boycot de nieuwe canon! Sommige zwarte bladzijden waren juist blank

Minister Van Engelshoven (D66) wilde de geschiedenislessen politiek sturen, met ‘zwarte bladzijden’. Daar stak een Kamermeerderheid van VVD, PVV, CDA, SGP en FvD een stokje voor. Maar toch…

Door PIET EMMER 18 juli 2020

Geplaatst in CANON GESCHIEDENISSLAVERNIJ

De commissie met de opdracht om de nieuwe canon van de Nederlandse geschiedenis samen te stellen, diende volgens de uitdrukkelijke instructie van minister van Onderwijs, Ingrid van Engelshoven (D66), de “zwarte bladzijden“ niet te vergeten. Dat bevel mag dan door de Tweede Kamer zijn afgeschoten, de nawerking ervan is nog wel degelijk herkenbaar, vooral in de teksten over het koloniale verleden van ons land.

Daar is ook wel reden voor, want de Nederlanders pasten niet alleen geweld toe bij de veroveringen overzee, maar ook tijdens het koloniale bestuur en de dekolonisatie. Aan het oorlogsgeweld in Europa mag Nederland dan dankzij de neutraliteitspolitiek meestal niet hebben meegedaan, overzee handelde Nederland echter net zo gewelddadig als de koloniserende buurlanden.

Die vergelijking ontbreekt in de nieuwe canon, ondanks de belofte “waar mogelijk wat meer de blik naar buiten te richten”. Zou dat hier zijn nagelaten, omdat de bladzijden over het Nederlandse kolonialisme anders iets minder zwart zouden zijn geworden?

Multatuli wilde meer, niet minder koloniaal bestuur

Maar het Nederlandse kolonialisme werd ook in de tijd zelf gekritiseerd. Eduard Douwes Dekker, de auteur van de Max Havelaar wordt in de canon als dé openbare aanklager van het Nederlandse kolonialisme opgevoerd. Hebben de leden van de canoncommissie zijn boek wel gelezen?

Zo ja, dan is zijn vlammende oproep aan koning Willem III om meer Nederlands kolonialisme hun blijkbaar ontgaan. Dat ons land op Java de traditionele bestuurders handhaafde en zelfs steunde, keurde Douwes Dekker af. Koning Willem III moest daar een einde aan maken.

Het koloniaal bestuur diende de corrupte Javaanse dorpshoofden en de adel juist buiten spel te zetten, want de eenvoudige dessabewoner moest eindelijk eens waar voor zijn belastinggeld krijgen. Daarom dienden het bestuur en de rechtspraak in handen te komen van professioneel opgeleide bestuursambtenaren uit Nederland.

En ja, zo’n drastische maatregel zou de kosten opjagen. Dan maar geen batige saldi meer voor de Nederlandse schatkist. Wie iets van het kolonialisme wil begrijpen kan het “venster” Max Havelaar uit de nieuwe canon dan ook maar beter overslaan.

Bladzijden die zo zwart mogelijk moesten zijn

De canonteksten over de Atlantische slavenhandel en het kolonialisme in de West zijn eveneens bedoeld om een zo zwart mogelijk beeld van het Nederlandse verleden te schilderen. Vandaar dat de canon verzwijgt dat de Nederlandse slavenhandel slechts 5 tot 6 procent van de totale slavenhandel over de Atlantische Oceaan voor zijn rekening nam.

Wel worden de totale aantallen overgevoerde slaven genoemd. Zelf uitrekenen dus. Maar dan zou de gebruiker van de canon kunnen constateren dat Nederland een relatief kleine speler was. Vandaar dat de canon zich haast melding te maken van het feit dat ons land “korte tijd “de grootste slavenhandelsnatie was.

Toen de Nederlandse slavenhandel ophield gingen anderen door

Over het andere unieke aspect, namelijk de vroege natuurlijke dood van de Nederlandse slavenhandel aan het einde van de achttiende eeuw wordt met geen woord gerept, terwijl de slavenhandel van andere landen in die periode juist groeide als nooit tevoren en ook na de wettelijke afschaffing vaak nog decennia illegaal doorging. Zou die informatie het venster slavernij minder zwart hebben gemaakt?

De canongebruiker krijgt wel weer een exact percentage van 19% als het gaat om dat deel van de in Nederland geïmporteerde goederen, die deels met slavenarbeid waren vervaardigd, zoals koffie en suiker. De canon verstrekt echter geen informatie over de omvang van de toenmalige Nederlandse economie, het aandeel daarin van alle importen en of gemeten is over de hele periode van de slavernij, dus tussen 1630 en 1863 of “toevallig” net in een topjaar van de koffie- en suikeraanvoer.

Misleidend: de slavernij eindigde niet door slavenopstanden

Tot slot de vraag wie de slavernij heeft afgeschaft. De canon maakt alleen melding van de slavenopstand in de Franse kolonie Saint-Domingue, die de regering in Parijs ertoe zou hebben gebracht de slavernij op te heffen. Dat is een onaanvaardbare simplificatie, want in de loop der tijd zijn er talloze slavenopstanden geweest, die niet tot afschaffing van de slavernij hebben geleid.

Waarom was het deze keer anders? Omdat er een Engelse invasie van de kolonie dreigde en de Fransen hoopten dat de slaven na hun vrijlating loyaal aan Frankrijk zouden blijven. Over de afloop van de opstand zwijgt de nieuwe canon, want zover gaat de “blik naar buiten” niet.

Dan zouden de canongebruikers immers op de hoogte moeten worden gesteld van het feit dat de chaos, die na de opstand uitbrak, de voorstanders van de slavenbevrijding in andere landen ernstig in verlegenheid heeft gebracht en dat Napoleon zich genoodzaakt zag de slavernij in alle Franse plantagekolonies weer in te voeren in een poging de orde te herstellen om zo een einde te maken aan het moorden.

De canon wil de gebruiker echter in de waan brengen dat de afschaffing van de slavernij het resultaat is van het slavenverzet. Alleen al de jaartallen, waarop de slavernij is afgeschaft spreken dat tegen, zoals 1833 in de Engelse West-Indische koloniën en 1888 in Brazilië.

Opstandige slaven wilden wel vrijheid, maar alleen voor zichzelf

Zou de niets vermoedende canongebruiker werkelijk in de waan kunnen worden gebracht dat de slaven in dat laatstgenoemde land maar dociele sukkels zijn geweest? Bovendien verzwijgt de canon dat de opstandige slaven alleen voor hun eigen vrijheid vochten en niet om de onvrije arbeid overal ter wereld te beëindigen. Dat was het unieke ideaal van de Westerse abolitionisten.

Dat wordt onder meer duidelijk door de slavenopstand uit 1763 in de kleine Nederlandse kolonie Berbice (later opgegaan in Brits-Guiana), waar de opstandelingen tijdens de onderhandelingen met de gouverneur voorstelden om de kolonie in tweeën te delen. In één deel wilden ze voortaan als vrije mensen leven, terwijl het andere deel bestemd was voor de kolonisten. Die moesten maar nieuwe slaven uit Afrika halen.

Wil je de slavenbevrijding begrijpen, dan kan je de nieuwe canon beter boycotten. De totale afschaffing van de slavernij was een Westers ideaal en niet een eis van Indianen, Afrikanen, Aziaten of opstandige slaven. Met goed fatsoen kun je dat ideaal helaas geen zwarte bladzijde noemen.

Meer weten? P.C.Emmer, De geschiedenis van de Nederlandse slavenhandel (Nieuw Amsterdam, 2019)