Over de strategie van satan

Herbloggen zie links onderaan

Alle Schriftaanhalingen komen uit de Statenvertaling HSV of 1977.

Vertaling, bewerking en voetnoten door M.V. Update 21-5-2019

Wij zullen nooit begrijpen wat er in onze wereld al zovele eeuwen lang gaande is, tenzij wij de bijbelse diagnose over het leven zullen accepteren. Paulus maakte deze diagnose heel duidelijk in Efeziërs 6:

“Want wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed, maar tegen de overheden, tegen de

machten, tegen de machthebbers van de wereld, van de duisternis van dit tijdperk, tegen de

geestelijke boosheden in de lucht. Neem daarom de gehele wapenrusting van God aan,

opdat u tegenstand kunt bieden in de boze dag en na alles verricht te hebben, stand kunt houden” (Efeziërs 6:12-13).

Onze ervaringen komen met deze Schriftpassage overeen, namelijk dat het leven fundamenteel een

strijd is. Het leven schikt zich nooit naar de rooskleurige idealismen van onze dromen, of het romantisme van onze liederen. De verklaring voor deze strijd ligt veel dieper dan wij gewoonlijk denken. De algemeen gangbare kijk op de strijd in onze hedendaagse en voorbije situaties, was altijd dat wij allen betrokken zijn in een conflict met vlees en bloed, of met andere woorden: een principieel conflict tussen ons en andere mannen en vrouwen. Maar Paulus zegt dat de strijd niet ligt op het niveau van vlees en bloed; het ligt veel dieper. Het fundamentele probleem is dat er een permanente strijd gaande is tussen het koninkrijk van God en het koninkrijk van Satan, en dat de mens zélf het slagveld is. Deze strijd is niet alleen zichtbaar in oorlogen, revoluties en allerlei misdaadgolven die ons teisteren en onze kranten vullen, maar ook in de innerlijke spanningen en angsten bij individuele levens, in de neurotische problemen en mentale ziekten die ons vandaag kwellen, en in interrelationele conflicten. Deze strijd is ook te zien in de natuur, waar alle leven in een meedogenloze, dodelijke overlevingsstrijd verwikkeld is.

Volgens deze Schriftpassage is het hele menselijke ras onder het bestuur gevallen van satanische

machten, die Paulus “de machthebbers van de duisternis van dit tijdperk” en “geestelijke boosheden

in de lucht” noemt – een uiterst betekenisvolle frase. Jezus bevestigt dit in zijn figuurlijke beschrijving van Satan als de sterke die gewapend zijn eigen huis en goederen bewaart. De Bijbel laat van begin tot eind zien dat alle mensen, zonder uitzondering, ongeacht hun intelligentie, opleiding of cultuur, zonder Christus hulpeloze slachtoffers zijn van het satanische bestuur. Onder de controle van satanische machten voelen mensen zich ongemakkelijk en ongelukkig, maar zij zijn ook niet in staat hier onderuit te komen met enige wijsheid of kracht van henzelf.

Maar het goede nieuws is dat sommigen daarvan bevrijd werden. Door de komst van die “Sterkere”,

Jezus zelf, waarvan Johannes ons zegt “Hiertoe is de Zoon van God geopenbaard, opdat Hij de werken des duivels verbreken zou” (1 Joh. 3:8b), werd bevrijding verkregen. Door het verbazingwekkende mysterie van het kruis en de opstanding heeft Jezus de macht en de slavernij van Satan over menselijke levens verbroken. Zij die dit individueel erkennen (d.w.z. zij die geloven, want de Schrift doet altijd beroep op geloof), worden vrijgemaakt in de vrijheid van de zonen Gods.

Maar zij werden niet vrijgemaakt om verder met dit feit niets te doen. Dit is een algemene misvatting in het Christendom. Velen geloven dat Christus in hun leven is gekomen door middel van het kruis, en dat alles wat hen verdrukte nu weggeblazen is en dat zij nu geheel vrij gemaakt zijn. Zij denken dat zij zich nu niets meer hoeven aan te trekken en onbezorgd kunnen leven zoals zij willen.

Maar zij werden vrijgemaakt om te strijden. En dat is de bijbelse oproep aan alle christenen. Wij zijn vrijgemaakt om te strijden, in het gevecht te treden, om overwinning te hebben in ons eigen leven, en om de kanalen te worden waardoor anderen vrijgemaakt worden. Daarom komt aan het eind van de Efezebrief deze oproep aan de Efeziërs: “Verder, mijn broeders, word krachtig in de Heere en in de sterkte van Zijn macht. Doe de gehele wapenrusting van God aan, opdat u stand kunt houden tegen de listige verleidingen van de duivel” (Efeziërs 6:10-11). We moeten nu onze aandacht vestigen op de eigenlijke aanpak van deze strijd. Als dit conflict het fundamentele probleem is in het menselijke leven, wat vraagt dit dan van ons om deze strijd te strijden? Hoe doe je dat? Het antwoord van Paulus ligt in de frase: “Doe de gehele wapenrusting van God aan”. De gehele voorziening moet getroffen worden opdat u deze strijd kunt winnen. Dat is het wat wij moeten leren en het is iets wat wij zelden serieus nemen. God heeft ons een volledige toerusting gegeven om de strijd aan te gaan met deze grote en machtige krachten die de wereld in hun greep houden. Maar het zou een vergissing zijn om enkel met deze wetenschap van de wapenrusting van start te gaan. Wij moeten inzien wie de vijand is waartegen wij ons moeten wapenen en verdedigen. Laten wij tot kennis komen van de slimheid, de listige sluwheid van de machten tegen wie wij moeten strijden en dan zullen wij de wapenrusting die ons gegeven werd beginnen te waarderen. Vanaf hier zullen wij dan starten met de strijd. Laten we eerst kijken naar wat Paulus noemt: “de listige verleidingen van de duivel”. De eerste stap van een soldaat op training is ingeleid te worden in de strategie en het wapengebruik dat de vijand tegen hem zal gebruiken. De duivel is een erg listige en sluwe strateeg, en het verslag van de geschiedenis bevestigt dit. Lees het Oude Testament en u zal zien dat elke heilige, elke profeet, elke patriarch, ieder van de grote en glorieuze koningen van Israël, op een of ander tijdstip door de duivel verslagen werd. De meest wijzen en grootsten van de mensen zijn op zichzelf absoluut hulpeloos en onbekwaam om de duivel te slim af te zijn. Maar, zoals we reeds zagen, geeft de Bijbel aan dat het goed mogelijk is in de overwinning te wandelen.

Jakobus zegt:

“Zo onderwerpt u dan aan God; weerstaat de duivel, en hij zal van u vluchten” (Jakobus

4:7).

Denk hierover na! Deze slimme, listige strateeg, die de wereld zovele eeuwen in verslagenheid

houdt, die elk mens te slim af is, zal van u wegvluchten wanneer u leert, zoals Paulus, niet onwetend te zijn van zijn strategieën.

Nu is de vraag die wij ons moeten stellen: “Wat is de algemene strategie van de duivel? Hoe plant

hij deze? Hoe komt het dat hij de wereld in zo’n slavernij en machteloosheid kan houden?” De enige in de hele geschiedenis die consistent en ononderbroken de duivel versloeg – niet enkel in zijn

leven maar ook in zijn dood – is de Heer Jezus Christus. Hij plaatste de vinger precies op de strategie en de tactieken van Satan toen Hij zei:

“U bent uit de vader, de duivel, en wilt de begeerten van uw vader doen; die was een mensenmoordenaar van het begin af, en is in de waarheid niet staande gebleven, want er is in

hem geen waarheid. Wanneer hij de leugen spreekt, spreekt hij uit wat van hemzelf is; want hij

is een leugenaar en de vader van de leugen” (Johannes 8:44)

De strategie van de duivel is moorden. De tactiek waarmee hij dit bereikt is liegen. Als we deze

frases zorgvuldig in beschouwing nemen, zullen we zien hoe accuraat ze zijn.

Hoe denkt de duivel het werk van God in de wereld tegen te staan? Wel, door moord en vernieling.

Een van de namen die aan de duivel gegeven wordt in het boek Openbaring is “Apollyon”

, wat in het Grieks “Verderver” betekent. En “verderven” betekent: te gronde richten, doen ondergaan. Het betekent chaos creëren, tot puin en ruïne herleiden en desolaat maken. Hier hebt u dan de verklaring van het hele tragische verhaal van de menselijke geschiedenis: Er is een vernietiger aan het werk onder de mensen.

Maar God is een God van schoonheid, harmonie, orde en perfectie, liefde, licht en genade. Er blijft

genoeg bewijs in de schepping over, inbegrepen onszelf en de wereld van de ideeën, om deze wonderbaarlijke schoonheid en perfectie van God op te merken. De wereld werd ordelijk geschapen. Maar in dit schema kwam er een vernietiger. En het is zijn verlangen om te slaan, te verscheuren, te verminken, te verduisteren en alles te vernietigen wat hij maar kan. Het maakt hem niets uit of het om lichamen, zielen, ideeën, materie of geest gaat – het doel van de duivel is altijd het verstoren,verdraaien, afbreken, vernietigen. Daarom kan de duivel niets positiefs aanbrengen voor het menselijke leven. Hij deed en doet niets deugdelijks. Alles wat hij kan is het vernietigen van wat God heeft gemaakt. Zijn macht is geheel en altijd negatief en destructief.

Wat zijn nu de tactieken die de duivel gebruikt om zijn destructiviteit te volbrengen? Hoe doet hij

het? Wel, door te bedriegen, liegen, verstoren, vervalsen, acteren en vermommen, door illusies en

fantasieën. Dit is wat Paulus “de listige verleidingen van de duivel” noemt in Efeziërs 6:11. Lees

doorheen de Bijbel en zie hoe vele malen op deze manier naar het werk van de duivel wordt verwezen: zijn strikken, vallen, waanideeën, listen, bedriegerijen en verleidingen. Wij zullen ons hier beperken tot een algemene beschouwing van deze listen.

De Bijbel maakt duidelijk dat de tactieken van de duivel in twee afdelingen vallen. Hij valt het

menselijk ras zowel direct als indirect aan. Hij is tot een directe confrontatie met mensen in staat, èn

met een indirecte benadering. En door deze twee invalswegen onderhoudt hij zijn wereldwijde controle over het menselijke ras. De Bijbel geeft aan dat er menigten gevallen engelen zijn, demonen genaamd, die Paulus hier noemt: “de overheden, de machten, de machthebbers van de wereld, de duisternis van dit tijdperk, de geestelijke boosheden in de lucht “ (Efeziërs 6:12-13). Deze “lucht” of letterlijk “hemelse” (gewesten) heeft betrekking op het onzichtbare rijk, de onzichtbare realiteiten van het leven. De duivel en zijn horden zijn niet zichtbaar. Dat is het wat Paulus zegt. In de Bijbel wordt ons niet veel verteld over de oorsprong van de duivel en zijn engelen, dit vorstendom en zijn machten. Datgene wat wij weten is voldoende om te weten dat er een wezen was dat oorspronkelijk goed als een machtige, sterke, mooie engel werd geschapen. Er is een korte verwijzing naar de val van deze grote engel, wiens naam Lucifer was en die zich verhief door trots. Trots is altijd het kenmerk van de duivel. Opgeblazen door trots verkoos hij tegen God te rivaliseren, en door dit te doen, verloor hij zijn plaats van glorie en schoonheid en werd (de) duivel

Hij heeft ook een groot deel van de engelen met zich meegetrokken en zij richtten de vorstendommen en de machten op, het georganiseerde koninkrijk van de duisternis dat Gods koninkrijk tegenstaat. Het is door deze horden van boze geesten dat Satan in staat is het menselijke leven direct aan te vallen. Deze directe aanvallen omvatten ook wat de Bijbel “demonische bezetenheid” noemt, de totale controle van de menselijke persoonlijkheid door de macht van een of meer boze geesten. Het omvat ook praktijken zoals waarzeggerij, occultisme, spiritisme, zwarte magie, astrologie, voedoe, enz. Een woord van waarschuwing is hier op zijn plaats. In het domein van de zwarte magie is er ongetwijfeld veel bedrog en misleiding. Er zijn vele charlatans werkzaam die leven van de bijgelovige vrees van mensen en die bedrieglijke trucs toepassen die de indruk geven dat zij echt met het occulte bezig zijn. Het is erg moeilijk om uit te maken wat nu echt of vals is op dit terrein. Grote zorg moet ontplooid worden door ieder die dit wil onderzoeken, omdat er zoveel ‘rook’ is, maar de Bijbel maakt duidelijk dat er ook een aanzienlijk ‘vuur’ is. Er zit waarheid achter deze zwarte magie.

De Bijbel waarschuwt consequent tegen het zich inlaten met deze materies. Onder de Wet, werd het

volk van Israël strikt verboden iets van doen te hebben met die “duivelskunstenaars, die daar piepen, en binnensmonds mompelen” (Jesaja 8:19), en zij die contact trachten te leggen met de doden, of die zich inlaten met de wereld van het occulte. Dit verbod was er voornamelijk omdat elk onderzoek in dit rijk iemand onmiddellijk blootstelt aan krachten achter het menselijke gezichtsveld, en het maakt controle en invloed daarvan mogelijk buiten de wil van het individu. Dit is gevaarlijke grond. Het opent dikwijls de weg naar demonische belasting of bezetenheid.

In verband met dit onderwerp van demonische bezetting ben ik er mij wel van bewust dat vele mensen hun wenkbrauwen in ongeloof zullen fronsen wanneer ook dit onderwerp wordt aangehaald. Zij zeggen dan: “U gelooft dat soort nonsens toch niet meer zeker. In deze 21ste eeuw gaat u ons toch niet zeggen dat er zoiets als demonen bestaan! Bovendien waren de dagen waarin de Bijbel geschreven werd primitieve tijden. De mensen geloofden toen nog in dat soort dingen, maar wij zijn nu veel beter geïnformeerd. Wij kunnen zoveel behandelen met medicatie of therapie”. Wat is ons antwoord hierop? Gewoon dit: Ten eerste: de Bijbel is erg zorgvuldig in het onderscheiden van mentale ziekten en demonische bezetenheid. De Bijbel is niet zo primitief als velen denken. Hij maakt zorgvuldig onderscheid tussen deze twee dingen. De schrijvers van de bijbelboeken waren zich zeker bewust van dit onderscheid. Een van hen, Lukas, was een geneesheer en was zeker vertrouwd met het onderscheid tussen gewone ziekten enerzijds en demonische belastingen of bezetenheid anderzijds. In Mattheüs 4:24 wordt een zorgvuldig onderscheid gemaakt tussen zieken enerzijds en maanzieken en bezetenen anderzijds. Lukas refereert naar hetzelfde gebeuren in Lukas 4:40-41. Ten tweede: Het is belangrijk op te merken dat de bijbelse gevallen van demonische bezetenheid niet overeenkomen met het klinische patroon van enige gekende medische ziekte. Er zijn ziekten van het lichaam en er zijn ziekten van de geest. Voor ziekten van de geest zijn er, zoals voor het lichaam, bepaalde klinische patronen die herkend kunnen worden. Maar als u zorgvuldig de bijbelse verslagen onderzoekt van demonische bezetenheid, dan kunt u ze niet laten overeenkomen met enige standaardpatronen van geestesziekten. Die zijn niet hetzelfde en komen niet overeen. Er is in de eerste plaats altijd een vernederend element in de bijbelse gevallen van demonische bezetting, een onreinheid, een morele verlaging. Ook zien we in de bijbelse verslagen dat er een directe herkenning was van de demon van het karakter en de identiteit van de Heer Jezus Christus. Wanneer Christus deze demonen benaderde riepen zij dikwijls: “Jezus, Gij Zoon van God! wat hebben wij met U te doen?” (Mattheüs 8:29; Lukas 8:28). Zij noemden Hem bij naam en gebruikten titels van Hem waarmee hun bezeten slachtoffers niet vertrouwd waren. Er is zo dikwijls deze onmiddellijke en vreemde erkenning van het gezag van Jezus Christus. Verder is er altijd de tegenwoordigheid van een totaal aparte en verschillende persoonlijkheid bij betrokken. In sommige gevallen waren er meerdere persoonlijkheden bij betrokken, zoals in het voorval dat Jezus de naam vroeg van de demon en zijn antwoord was: “Mijn naam is Legio, want wij zijn met velen” (Markus 5:9). Tenslotte had Christus de bekwaamheid om demonen te transfereren van een individu naar dieren. Hoe verklaart u het geval van de Gadarese varkens? Als demonische bezetenheid louter een mentale ziekte is, of slechts een hallucinatie, louter schizofrenie, hoe verklaart u dan dat deze demonen de man verlieten en in de varkens voerden, waardoor deze de helling naar beneden liepen en verdronken in het meer? Deze gevallen komen helemaal niet overeen met de klinische patronen van gekende mentale ziekten. Een derde factor is dat Jezus deze gevallen altijd beschreef als demonische bezetenheid, en Hij behandelde deze mensen overeenkomstig. Hij ging continu met deze dingen om. Hij zond Zijn discipelen uit en gaf hen gezag om demonen uit te drijven. “Maar”, zo zegt iemand, “wij hebben daar een uitleg voor. Het is gewoon zo dat Jezus zich aanpaste aan de menselijke gedachten van die tijd. Zij geloofden in demonen en de duivel en Hij sprak gewoon hun taal”. Maar het is onmogelijk deze positie in te nemen en consistent te zijn met het verslag van Jezus’ bediening, want wij zien Hem constant zulke misvattingen corrigeren. Bij een gelegenheid zei Hij tot zijn discipelen, over een andere kwestie: “als dat niet zo was, zou Ik het u gezegd hebben” (Johannes 14:2). Hij kwam om de waarheid te openbaren over de dingen en corrigeerde constant de misvattingen die de mensen hadden.

Tenslotte, doorheen de kerkgeschiedenis zijn er verscheidene uitbraken geweest van demonische

bezettingen die beschreven werden door zendelingen in vele landen. Het is betekenisvol dat waar

ook de christelijke leer zich verspreidt, de directe aanval van deze boze machten op menselijk leven

latent aanwezig is. Zelfs seculier onderwijs dat gebaseerd is op de Bijbel, de christelijke waarden en

moraal, hebben de eigenschap deze manifestaties onder controle te houden. Maar wanneer opleidingen puur seculier worden en God en de Bijbel negeren, kunnen deze machten niet in bedwang gehouden worden. Gezien onze wereld goddelozer en goddelozer wordt, en meer en meer geseculariseerd, ondervinden we een toename aan demonische uitingen die de cultuur binnensluipen en deel gaan uitmaken van ons civiele leven. Er is geen kracht in de mens die dit kan tegengaan.

Maar veruit de meerderheid van satans aanvallen tegen christenen zijn niet direct maar indirect.

Daarom worden die de “listige verleidingen10 van de duivel” (Efeziërs 6:11) genoemd. Dit betekent

dat hij langs een slinkse omweg, bedrieglijk, niet opvallend opereert. Een directe aanval van de duivel op het menselijk leven is iets dat opvalt, maar zijn listen zijn slinks en moeilijk te detecteren.

Het gaat hier om satanische suggesties, indrukken, ideeën via de natuurlijke, gewone kanalen van

het leven. Deze indirecte benadering gebeurt grotendeels door twee mediums of kanalen. Een daarvan is wat de Bijbel “de wereld” noemt, en het andere is “het vlees”. Wij horen dikwijls het idee: “De vijanden van de christen zijn de wereld, het vlees en de duivel”, alsof deze drie even grote machtige vijanden zijn. Maar er zijn er geen drie. Er is maar één vijand, de duivel, waar Paulus hier naar wijst. Wij strijden niet tegen “vlees en bloed, maar … tegen de geestelijke boosheden in de lucht” zegt hij. Maar de kanalen van deze indirecte benadering van de mens zijn de wereld en het vlees. Als u dat in de Schrift wilt geschreven zien, kan u Efeziërs 2:1-3 erop naslaan. Daar schrijft de apostel aan christenen: “En u heeft Hij met Hem levend gemaakt, u die dood was door de misdaden en de zonden, waarin u voorheen gewandeld hebt, naar het tijdperk van deze wereld [het eerste kanaal], naar de overste van de macht der lucht [de duivel], van de geest die nu werkt in de kinderen van de ongehoorzaamheid, te midden van wie ook wij allen voorheen verkeerd hebben in de begeerten van ons vlees [het tweede kanaal], door de wil van het vlees en de gedachten te

doen; … “O”, zegt u, “wij waren ons helemaal niet bewust van enig bestuur van de duivel”. Natuurlijk niet. U deed de natuurlijke verlangens van het vlees en de gedachten. U beantwoordde deze zogenaamde natuurlijke stimuli. En omdat wij deze dingen deden, dus de koers van de wereld volgen onder het bestuur van de “overste van de macht der lucht” en het volgen van de impulsen van het vlees en de gedachten, waren wij kinderen van de toorn: … en wij waren van nature kinderen des toorns, zoals ook de anderen” (Efeziërs 2:1-3). Ziet u hoe consistent, samenhangend, de Bijbel deze voorstelling presenteert? Nu is het belangrijkste van deze twee kanalen, waarmee de duivel het christelijke leven wil terroriseren, “het vlees”. Deze uitdrukking “het vlees” betreft de drang binnenin ons tot egocentrisme: de verstoring van de menselijke natuur die ervoor zorgt dat wij onze eigen god willen zijn. Dat trotse ego, dat ongekruisigde “ik” is de zetel van onze gewilde trotsering van en rebellie tegen goddelijk gezag. Ziet u in dat wij allen daarmee geboren zijn? Niemand van ons hoefde naar school te gaan om te leren hoe dit te doen. Wie leerde ons te liegen? Wie leerde ons om trots, bitter, rebels en egocentrisch te zijn? Dat hoefden wij niet te leren, niet? Wij waren daar allemaal reeds experten in nog vóór wij naar school moesten gaan. Wij zijn allen geboren in “het vlees” en het is de aanwezigheid hiervan dat ons zondaars maakt. Jakobus noemt dit de wijsheid die niet van boven is maar een wijsheid die “aards, natuurlijk, duivels” is. Duivels! Het is de duivel die indirect aanvalt via het wezenlijke karakter van de menselijke natuur, door zo te verdraaien en te verstoren wat God had bedoeld te zijn. U kan de satanische oorsprong hiervan zien in het feit dat het een verstoring is van de heerlijkheid die God voor de mens bedoeld had. Paulus zegt daarom over de mens in Romeinen 3:23: “Want zij hebben allen gezondigd, en derven de heerlijkheid Gods”. Anderzijds is de wereld de corporatieve expressie van alle vleesgecentreerde enkelingen die het menselijke ras uitmaken. Vermits zij allen in het vlees zijn – allen handelen zij satanisch, duivels, sensueel, aards – vormt het totaal van hen het samenstel van de wereld dat de filosofie van deze wereld bepaalt. Het is deze reusachtige druk van de meerderheid op de minderheid die zorgt voor conformisme, aanpassing, in de pas lopen, niet afdwalen noch anders zijn. Wanneer de Bijbel zich tot christenen richt dan zegt hij: “Wordt deze wereld niet gelijkvormig” (Romeinen 12:2a) en dit wil zeggen: “Laat de wereld u niet in haar vorm persen”. Waarom? Omdat de wereld vleesgecentreerd, vleesbestuurd is, zoals Jezus tot Nicodemus zei: “Wat uit het vlees geboren is, is vlees; en wat uit de Geest geboren is, is geest … U moet opnieuw geboren worden” (Johannes 3:6-7). Uit het vlees geboren … dat is de wereld, deze menselijke maatschappij die staat op satanische waarde-oordelen en die geleid wordt door satanische trots en filosofie. De wereld is er zich helemaal niet van bewust, maar toch staat ze onder de controle van satanische filosofie.

Onthoud altijd: de bedoeling die Satan heeft, met al zijn slimme en listige strategieën waardoor hij

het menselijke ras al duizenden jaren in slavernij houdt, is te vernietigen, te gronde richten, te verwilderen. Dat is zijn doelstelling bij u en ook bij mij. Hiertegen moeten wij, die ons christenen

noemen, strijden; niet enkel voor onszelf maar ook voor anderen. Paulus doet deze oproep:

“Mijn broeders, word krachtig in de Heere en in de sterkte van Zijn macht …” (Efeziërs 6:10).

Laten we dit ter harte nemen in de verschrikkelijke, bewogen dagen waarin wij leven! Velen vallen

af van het ware, bijbelse christelijke geloof. Velen gaan achteruit onder de controle van satanische

ideeën en satanische filosofieën. Maar dit zijn dagen, meer dan ooit tevoren, waarin wij moeten

reageren op deze machtige oproep: “Word krachtig in de Heere en in de sterkte van Zijn macht”.

Gebed:

Onze Vader, wij bidden dat u onze harten en geesten zoudt willen waakzaam maken, en de bedrieglijke sluiers zoudt wegdoen waardoor wij verslagen, verzwakt en ineffectief zijn geworden in deze grote strijd. Help ons te begrijpen dat wij met geen mogelijkheid deze strijd zouden kunnen aangaan als het niet zou zijn door het bevrijdende werk van de Heer Jezus die, als de Sterkere, de macht van de duisternis is komen verbreken. Wij danken u dat de overwinning reeds behaald werd. Dank u voor het voorrecht dat we hebben om over te gaan in het koninkrijk van God, en dat we niet langer hoeven te vechten voor een strijd die reeds verloren was, en we een strijd kunnen aangaan die reeds gewonnen werd. In Christus’ naam, Amen.

Let op: deeltijdse christenen kunnen niet op tegen voltijdse demonen!

Ray C. Stedman

http://www.pbc.org/dp/stedman/ephesians/

http://www.verhoevenmarc.be/PDF/satansstrategie.pdf