Over groepsdruk

Sinds de vroegste jaren van onze jeugd hebben wij allemaal te maken met de druk om ons te moeten aanpassen aan de omgeving om overeen te komen met de meerderheid. Zelfs vandaag, als intelligente volwassenen, begrijpen wij de gevaren van het te bezwijken aan die groepsdruk, gewoon “omdat iedereen zo doet”. En wij realiseren ons dat “de meerderheid heeft gelijk”-filosofie ongezond is. Maar misschien ook niet. Want miljoenen (zo niet miljarden) religieuze mensen in de wereld realiseren zich niet, of geloven niet, dat de meerderheid niet altijd gelijk heeft. Zelfs sommigen die belijden bijbelse fundamentalisten te zijn, kijken om zich heen naar het groeiende aantal leden van grote nieuw-evangelicale kerken, en zij beginnen zich af te vragen of deze mensen misschien toch op het “rechte” pad lopen, tot eer van God – gewoon omdat die kerken snel groeien en zij een enorme invloed uitoefenen op de christelijke gemeenschap.

Ja, honderden miljoenen mensen kunnen het fout hebben en dat kunnen zij in feite ook met betrekking tot hun geloof. Waarom zo heftig en dogmatisch zijn over dit onderwerp?

Omdat de Bijbel verklaart dat dit zo is. Door de hele bijbel heen geeft God ons voorbeeld na voorbeeld van mensen die tot de minderheid behoorden maar die wél op het smalle pad liepen dat niet enkel naar het leven leidt maar ook naar een nauwe relatie met God, als een gevolg van hun gehoorzaamheid aan Hem.

In Noachs dagen weigerde de meerderheid van de wereld Noachs boodschap te horen en er zich om

te bekommeren. Hadden al deze mensen gelijk?

In Mozes’ dagen murmureerde de meerderheid van de Israëlieten en zij klaagden tegen Mozes Hadden zij gelijk?

In Daniëls dagen boog zelfs een meerderheid van de Joodse ballingen neer voor het beeld van de heidense koning. Hadden al deze mensen gelijk?

In Jezus’ dagen verwierp de meerderheid van de Joden en Heidenen Hem als de Zoon van God en kruisigden Hem op een Romeins kruis. Had die meerderheid gelijk? Vandaag wordt de meerderheid van de wereld verblind door “de god van deze wereld” (2 Korinthiërs 4:4), en zelfs de meerderheid van de belijdende christenen is toegewijd aan het dienen van wat hun eigen vlees verlangt in plaats van God en Zijn Woord. Is die meerderheid juist?

Een probleem binnen de christelijke gelovigen is de Opname.

Ik ben katholiek opgevoed en kende het begrip niet eens. Het boek Openbaringen is ook al controversieel. Ik ben er niet mee opgegroeid. Alles heb ik zelf moeten ontdekken. Toch weet ik van klein kind af, dat Jezus terugkomt. Waarom ik dat weet, weet ik niet. Ik draag het al mijn hele leven bij me en wist er geen raad mee, net zoals met het geloof. Nu denk ik: had ik dingen maar eerder geweten. Maar ik ervaar genade en daardoor heb ik steeds door onderzoeken het juiste pad gevonden, Dit is geen eigen verdienste. Ik ervaar dat ik word geleid. Dat mijn zoeken beloond wordt. Ik ben daarvoor zeer dankbaar.

De belofte van de Opname wordt in een aantal kerken ontkend, genegeerd of niet beklemtoond in leringen over de eindtijd. De Opname is echter een erg belangrijke belofte die om

goede redenen in profetieën over de eindtijd vervat is. Het geeft aan christenen een positieve en

onbetwistbare toekomstverwachting, een concrete hoop op Goddelijk ingrijpen en zegen om naar

uit te kijken in een anderszins donker toneel van komende oordelen over een goddeloze wereld. In

de Bijbel worden volgende redenen voor de Opname genoemd:

1. Het is een ontmoeting met Christus

Wanneer Jezus Zijn bruidsgemeente komt ophalen, zullen dezen die in Christus gestorven zijn uit hun graven opgewekt worden en zij die nog leven zullen in een oogwenk met verheerlijkte

lichamen bekleed worden (1 Korinthiërs 15:51-53). Daarna zullen de ware gelovigen samen opgenomen worden, de Heer tegemoet in de lucht:

“Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van

God neerdalen uit de hemel. En de doden die in Christus zijn, zullen eerst opstaan. Daarna zullen wij, de levenden die overgebleven zijn, samen met hen opgenomen (Grieks: harpazo) worden in de wolken, naar een ontmoeting met de Heere in de lucht. En zo zullen wij altijd bij de

Heere zijn. Zo dan, troost elkaar met deze woorden” (1 Thessalonicenzen 4:16-18).

De grootste verwachting die wij met betrekking tot de Opname behoren te hebben is niet weg te komen van de door zonde doordrenkte wereld, waarin wij als vreemdelingen en bijwoners zijn, maar veeleer het wonderlijke vooruitzicht om onze finale bestemming in de hemel te bereiken. De verlangende bruid ziet ernaar uit om met de hemelse Bruidegom verenigd te worden. Op die dag zal Hij “gekomen zijn om … verheerlijkt te worden in Zijn heiligen en bewonderd te worden in allen die geloven” (2 Thessalonicenzen 1:10). Zij zullen Hem zien en stralen van vreugde. Mensen die niet in de Opname geloven, moeten voor zichzelf uitmaken hoe zij anders dan slechts door de Opname van de aarde zouden kunnen “opgenomen worden in de wolken” (1Thessalonicenzen 4:17). Zo is ook Jezus, na Zijn eerste komst, naar de hemel “weggerukt”: “En zij baarde een Zoon, een mannelijk Kind, dat alle heidenvolken zal hoeden met een ijzeren staf. En haar Kind werd weggerukt (Grieks: harpazo) naar God en naar Zijn troon” (Openbaring 12:5). En zo werd ook Paulus tot in de derde hemel “opgenomen”: “Ik ken namelijk een mens in Christus, veertien jaar is het geleden … dat zo iemand tot in de derde hemel werd opgenomen (Grieks: harpazo)” (2Korinthiërs 12:2). En zo zullen ook wij aan het einde van de kerkbedeling “opgenomen” worden. In al deze gevallen wordt hetzelfde werkwoord harpazo gebruikt dat met “opnemen” of wegrukken” in onze bijbel vertaald wordt. Dit woord harpazo betekent snel opnemen, los-, wegrukken, snel grijpen, meevoeren, roven. De hemelse Bruidegom komt bij die gelegenheid zoals een dief in de nacht om Zijn bruid op te halen (1 Thessalonicenzen 5:2). Zijn openbare komst, wanneer elk oog Hem zal zien, zal pas plaatsvinden aan het eind van de zeven jaar durende verdrukking, die na de Opname begint (Openbaring 1:7). Tijdens de Opname zal Hij niet tot op de aarde komen maar Zijn bruid in de lucht ontmoeten en haar daarna meenemen naar de hemel. Zij die achterblijven zullen met een schok ontdekken dat alle ware christenen plots spoorloos verdwenen zijn. Discipelen van Jezus zullen dan in de hemel zijn, in de heilige tegenwoordigheid van de Koning der koningen, en pas na de donkere dagen van de verdrukking samen met Hem terugkeren (Zacharia 14:5)

2. Het bevordert een Christus-verwachting

Het is belangrijk erop te wijzen dat een opname vóór de verdrukking bij gelovigen een Christusverwachting schept en niet een Antichrist-verwachting. Wij wachten op de hemelse Bruidegom en niet op de “mens van de wetteloosheid” (2 Thessalonicenzen 2:3). De hele 70ste jaarweek van Daniël 9 maakt deel uit van Israëls heilsgeschiedenis, en zal ingeluid worden door een verbond dat Israël en de naties met de valse messias zullen sluiten. Christenen die foutief in een opname in het midden van de verdrukking geloven, verschuiven hun aandacht van Jezus weg en besteden soms veel geld en energie om strategieën te ontwikkelen om de komende verdrukking te overleven. De Bijbel zegt echter dat wij de Zoon van God uit de hemel moeten verwachten: “en Zijn Zoon uit de hemelen te verwachten, Die Hij uit de doden heeft opgewekt, namelijk Jezus, Die ons verlost van de komende toorn” (1 Thessalonicenzen 1:10). De belofte van de opname vestigt onze aandacht op de plotselinge en onverwachte komst van Christus voor Zijn bruid. Er zijn geen uitdrukkelijke tekenen die deze gebeurtenis direct voorafgaan, en zeker niet de opkomst van de Antichrist. Wij moeten onszelf bezig houden met voorbereidingen die erop gericht zijn een heilig leven te leiden voor de Heer, terwijl we voortgaan om mensen uit te nodigen om de reeds lang bestaande uitnodiging tot de bruiloft van het Lam te aanvaarden. Wanneer het huis van de Heer vol is, zal Hij uit de hemel neerdalen met de klank van een bazuin van God. Daarna zullen alle tekenen van de tijden, die op Christus’ zichtbare komst aan het eind van de verdrukking duiden, finaal in vervulling gaan. Het zal een tijd van natuurrampen en oorlogen zijn zoals nooit tevoren is geweest (Mattheüs 24:6-7).

3. Het is een ingrijpen door God

“Want de Heere Zelf zal met een geroep, met de stem van een aartsengel en met een bazuin van

God neerdalen uit de hemel. … Daarna zullen wij, de levenden die overgebleven zijn, samen

met hen opgenomen worden in de wolken, naar een ontmoeting met de Heer in de lucht”

(1Thessalonicenzen 4:16-17). De bovennatuurlijkheid van de opname, namelijk de wegvoering van miljoenen christenen, zal een zo duidelijk goddelijk ingrijpen zijn, dat daarvoor geen wetenschappelijke verklaring kan gevonden worden. Er zullen waarschijnlijk absurde theorieën voor dit verschijnsel aangereikt worden. De Heer kan inderdaad door Zijn almacht al Zijn kinderen in één enkel ogenblik opwekken, veranderen en van de aarde wegvoeren. Hij zal diegenen die Hem toebehoren wegnemen en alle anderen op aarde achterlaten: “Ik zeg u: In die nacht zullen er twee op één bed zijn. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Twee vrouwen zullen samen malen. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Twee zullen er op de akker zijn. De één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden” (Lukas 17:34-36).

Dit “aannemen” van sommigen zal tijdens de opname plaatsvinden. Dit “achterlaten” van de anderen duidt erop dat ongelovigen en misleide mensen zullen achterblijven om de donkere dagen van het schrikbewind van de Antichrist tijdens de “grote verdrukking” (Mattheüs 24:21; Openbaring

7:14) mee te maken. Het schokeffect van de opname kan nauwelijks beklemtoond worden. In de vernietigende tekenen daarna zal de de hand van de Heer duidelijk gezien kunnen worden, vooral in de grote oordelen over een afvallig mensdom (Openbaring 6:12-17). Door het dramatische effect van de opname zal de Heer een ernstige boodschap tot een multigodsdienstige en afvallige mensheid richten, namelijk dat hun enige hoop erin gelegen is om weer naar Zijn Woord terug te keren en dit ernstig op te nemen. De opname zal de vergeestelijkingstheologie, die bijbelse uitspraken niet letterlijk neemt, helemaal onderuit halen. Na de opname zal de meerderheid van de mensen, wegens het verharden van hun hart, misleid worden door de kracht van de dwaling, maar miljoenen anderen zullen een nieuw begrip krijgen van de bijbelse waarheid en de Heer zoeken, ongeacht de verwerping en vervolging dat hun getuigenis in een antichristelijke nieuwe wereldorde tot gevolg zal hebben.

4. Het is het verkrijgen van een opstandingslichaam

De opname staat duidelijk in verband met de eerste opstanding, wanneer alle ware gelovigen verheerlijkte lichamen zullen krijgen. Miljoenen die opgenomen zullen worden zijn reeds overleden, en daarom moeten zij eerst onvergankelijke lichamen krijgen. Op datzelfde ogenblik zullen de levende gelovigen verheerlijkte lichamen krijgen en zonder te sterven van vergankelijkheid tot onvergankelijkheid veranderd worden. Paulus verduidelijkt deze belofte aan een christelijke gemeente als volgt: “Zie, ik vertel u een geheimenis: Wij zullen wel niet allen ontslapen, maar wij zullen allen veranderd worden, in een ondeelbaar ogenblik, in een oogwenk, bij de laatste bazuin. Immers, de bazuin zal klinken en de doden zullen als onvergankelijke mensen opgewekt worden, en ook wij zullen veranderd worden. Want dit vergankelijke moet zich met onvergankelijkheid bekleden en dit sterfelijke moet zich met onsterfelijkheid bekleden” (1 Korinthiërs 15:51-53). Aan de Filippenzen wordt gezegd: “Ons burgerschap is echter in de hemelen, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Heere Jezus Christus, Die ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het gelijkvormig wordt aan Zijn verheerlijkt lichaam, overeenkomstig de werking waardoor Hij ook alle dingen aan Zichzelf kan onderwerpen” (Filipp. 3:20-21; vgl. 1 Joh. 3:2). De eerste opstanding wordt “de opstanding van de rechtvaardigen” genoemd (Lukas 14:14), en ook “de opstanding ten leven” (Johannes 5:29). Johannes zegt: “Zalig en heilig is hij die deel heeft aan de eerste opstanding. Over hen heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en van Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen regeren, duizend jaar lang” (Openbaring 20:6). Dit verwijst naar het duizendjarige rijk wanneer de opgestane en verheerlijkte christenen samen met Jezus Christus zullen regeren. De goddelozen zullen geen deel hebben aan de eerste opstanding en de opname, en daarom zegt Johannes ook: “Maar de overigen van de doden werden niet weer levend, totdat de duizend jaar tot een einde gekomen waren” (Openbaring 20:5). Zij zullen deel hebben aan de tweede opstanding (naar analogie van de eerste opstanding), die ook “de opstanding van de onrechtvaardigen” (Handelingen 24:15) of “de opstanding ter verdoemenis” (Johannes 5:29) wordt genoemd en die voor de “grote witte troon” zal plaatsvinden (Openbaring 20:11-15).

5. Het is een scheiding tussen nominale en ware Christenen

Behalve de scheiding die de opname in de wereld zal teweegbrengen tussen geredde en ongeredde

mensen, zal dit ook binnen het verband van de christelijke kerk zelf een scheiding tot gevolg hebben tussen wedergeboren en vormgodsdienstige lidmaten. De “dwaze maagden” (Mattheüs 25) zullen achtergelaten worden wanneer de Bruidegom komt, alhoewel zij zichzelf ook beschouwd hebben als deel uitmakend van de groep die de Bruidegom toebehoort. De afwezigheid van de olie van de Heilige Geest in hun leven duidt op het feit dat zij niet wedergeboren zijn (Mattheüs 25:6-10). Velen van hen zullen pas na de opname een eerlijk onderzoek doen naar hun geestelijke status en er dan achter komen dat er geen getuigenis is van de wedergeboortekracht van de Heilige Geest in hun leven. Alhoewel zij tijdens de verdrukking nog altijd hun leven aan de Heer kunnen overgeven, zal de Bruidegom niet bij wijze van een tweede opname de deur voor hen weer opendoen zelfs al bidden zij daarvoor en begeren zij dit met hun hele hart. Zij zullen buiten in de kou moeten blijven, de donkere dagen van de verdrukking onder ogen moeten zien en bereid moeten zijn om als martelaren voor hun geloof te sterven; dit alles wegens hun eigen nalatigheid.

Hoeveel miljoenen kerklidmaten bevinden zich niet in het schuitje van een zelfmisleidende, dode

vormgodsdienst! Zij redeneren dat aangezien zij uitverkozen zijn, en door middel van de doop in

een eeuwig verbond met God verbonden zijn, zij geen ondervinding van wedergeboorte hoeven te

hebben. De Heer Jezus heeft echter aan een van zulke verbondskinderen gezegd: “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Als iemand niet opnieuw geboren wordt, kan hij het Koninkrijk van God niet zien” (Johannes 3:3). Het is slechts het herscheppingswerk van de Heer dat uw leven kan veranderen, geen kerkelijke ritualisering! Zorg ervoor dat u ten tijde van de opname niet het slachtoffer bent van een dode vormgodsdienst zonder wedergeboorte, want dan zal u beslist achterblijven wanneer de Heer Jezus Zijn bruidgemeente komt ophalen (Johannes 14:2-3; Hebreeën 4:1). Een voorwaarde voor redding is een eerlijke belijdenis van uw zonden (1 Johannes 1:9-10), samen met geloof in Jezus Christus als uw Verlosser en Zaligmaker (Handelingen 16:31).

6. Het is het einde van een dispensatie

De opname maakt een einde aan de kerkbedeling op aarde, omdat de ware kerk dan van de aarde

naar de hemel zal weggevoerd worden. Slechts de valse kerk en de valse godsdiensten die door de

geest van de Antichrist misleid zijn (1 Johannes 4:1-6) zullen in de wereld achterblijven. We zijn

vandaag kort bij het einde gekomen van de kerkbedeling op aarde. De Bijbel beschrijft dit tijdperk

als een tijd van grote afvalligheid en demonische activiteiten (1 Timotheüs 4:1). Satan werpt alles in

de strijd om de kerk te vervalsen en de “maagden” die op de komst van de Bruidegom ingesteld

moeten zijn, te misleiden en in slaap te sussen. Terzelfdertijd wordt de allesinsluitende eenheidsideologie van de komende antichristelijke bedeling (holisme) actief verkondigd en worden er structuren geschapen voor een wereldregering, wereldgodsdienst en wereldeconomie van de Antichrist. Uiteindelijk zal er aan de wereld ook een valse Christus aangeboden worden. Het is met het oog op de eindtijdse misleiding dat de eerste waarschuwing van de Heer Jezus in Zijn rede over de laatste dingen, gewijd is aan een beschrijving van satanische misleiding die zal uitlopen op de komst van een valse wereldleider: “Pas op dat niemand u misleidt. Want velen zullen komen onder Mijn Naam en zeggen: Ik ben de Christus; en zij zullen velen misleiden” (Mattheüs 24:4-5). We horen niet meegesleurd te worden door de stroom van postmodern denken waardoor de verdorven beginselen van een antichristelijke wereldorde bevorderd worden. Het is belangrijk om de opname in haar correcte dispensationele positie te plaatsen, namelijk aan het einde van de kerkbedeling, vlak voor het begin van de openbaring van de Antichrist en de instelling van zijn wereldregering. We moeten de tijdsgeest van verval in de christelijke kerk ondergaan, alsook de opmars van de komende Antichrist (2 Thessalonicenzen 2:7). Doet u dit? De hemelse Bruidegom zegt dat terwijl zij die vuil zijn nog vuiler worden, de rechtvaardigen nog meer gerechtvaardigd moeten worden (Openbaring 22:11). Zij moeten beseffen dat de aanvechtingen tegen het koninkrijk van God in de eindtijd groter zullen worden, en dat zij niet in het minst aan de druk van de vijand mogen toegeven.

Prediking over de opname is in een tijd zoals de onze van kardinaal belang. Wij bevinden ons in de

positie van een atleet die aan een lange-afstand-wedloop deelneemt en de klok voor de laatste ronde

reeds heeft horen luiden. Dit moet hem motiveren om niet in zijn loop te verslappen maar tot het

einde toe te volharden. Petrus zegt: “Als deze dingen dus allemaal vergaan, hoedanig behoort u dan

te zijn in heilige levenswandel en in godsvrucht; u, die de komst van de dag van God verwacht en

daarnaar verlangt, de dag waarop de hemelen, door vuur aangestoken, zullen vergaan en de elementen brandend zullen wegsmelten” (2 Petrus 3:11-12). Wij moeten in deze snel veranderende wereld geen perspectief verliezen en compromissen maken. Strijd de goede strijd van het geloof (Judas 3) en biedt vastberaden weerstand tegen alle vormen van boosheid en misleiding.

7. Het schept voor de Antichrist de gelegenheid om geopenbaard te worden

De opname wordt rechtstreeks met de openbaring van de Antichrist in verband gebracht: “En u weet wat hem nu weerhoudt, opdat hij op zijn eigen tijd geopenbaard wordt. 7 Want het geheimenis van de wetteloosheid is al werkzaam. Alleen is er iemand die hem nu weerhoudt, totdat hij uit het midden verdwenen is. 8 En dan zal de wetteloze geopenbaard worden. De Heere zal hem verteren door de Geest van Zijn mond en hem tenietdoen door de verschijning bij Zijn komst; 9 hem, wiens komst overeenkomstig de werking van de satan is, met allerlei kracht, tekenen en wonderen van de leugen, 10 en met allerlei misleiding van de ongerechtigheid in hen die verloren gaan, omdat zij de liefde voor de waarheid niet aangenomen hebben om zalig te worden” (2 Thessalonicenzen 2:6-10).

De Heilige Geest (“iemand” in vers 7) die in de ware kerk woont als de tempel van de Heilige

Geest , staat de openbaring van de Antichrist tegen; daarom kan hij eerst na hun opname geopenbaard worden. De Heilige Geest in de kerk is sterker dan de geest van misleiding die in de wereld werkt (1 Johannes 4:4). Wanneer de ware christenen plots weggenomen worden, verdwijnt het licht in de wereld en breekt het uur van de duisternis aan. Dan kan “de mens van de wetteloosheid” (2 Th. 2:3) of “de wetteloze” (2 Th. 2:8) zonder tegenstand geopenbaard worden. De opname MOET dus plaatsvinden voordat de Antichrist zijn verschijning maakt! Om mensen dus op de opname voor te bereiden is er een geestelijke houding nodig van getrouwheid aan de ware Christus en ook de actieve verwerping van alle antichristelijke invloeden die de komende Antichrist inleiden. U moet een weerhouder zijn die een standpunt inneemt tegen antichristelijke ideologieën en hun humanistische structuren.

8. Het is een motivatie voor waakzaamheid in een tijd van afvalligheid

De komst van de Bruidegom vindt plaats in een tijd waarin het geestelijk gesproken donker is. Het

einde van de kerkbedeling is een tijd van grote afvalligheid en goddeloosheid. Zoals in de dagen

van Noach en Lot zal de aarde vol geweld, materialisme en seksuele perversie zijn.

Ongelukkig genoeg zal deze geest van zondigheid en immoraliteit ook zijn tol onder christenen eisen. Zij zullen in hun waakzaamheid verslappen door hun geestelijke normen voortdurend neerwaarts aan te passen. Velen zullen zo’n laag niveau aanhouden dat zij in grote passiviteit vervallen. De Heer Jezus heeft hiertegen gewaarschuwd en aan gelovigen de verwachting van Zijn plotselinge komst als een motief voor standvastigheid gegeven: “Wees dus waakzaam! Want u weet niet wanneer de heer des huizes komt, ‘s avonds laat of te middernacht of met het hanengekraai of ‘s morgens vroeg, opdat hij u niet, als hij plotseling komt, slapend aantreft. En wat Ik tegen u zeg, zeg Ik tegen allen: Wees waakzaam!” (Markus 13:35-37)

Inactieve christenen verflauwen in hun liefde voor de Heer Jezus. Het verschijnsel van geestelijke

verkoeling manifesteert zich op twee manieren: enerzijds ontwikkelt er zich een liefde voor de wereld en wereldse feestjes met drankmisbruik, en anderzijds manifesteert zich dat in allerlei alledaagse bezorgdheden. Ook daartegen waarschuwt de Heer Jezus en Hij houdt de opname voor als positieve motivatie om te volharden: “Wees op uw hoede dat uw hart niet op enig moment bezwaard wordt door roes en dronkenschap en door zorgen over de alledaagse dingen, en dat die dag u niet onverwachts overkomt.35 Want als een strik zal hij komen over allen die op het hele aardoppervlak wonen. 36 Waak dan te allen tijde en bid dat u waardig geacht zult worden om al die dingen die gebeuren zullen, te ontvluchten, en om te kunnen bestaan voor de Zoon des mensen” (Lukas 21:34-36). U mag uw eerste liefde niet verlaten door van de Heer Jezus Christus vervreemd te raken, want dat kan u duur te staan komen! De Heer kan Zijn Geest van een afvallige kerk terugtrekken. Denk aan de kerk te Efeze: “Maar Ik heb tegen u dat u uw eerste liefde hebt verlaten. Bedenk dan van welke hoogte u bent gevallen en bekeer u en doe de eerste werken. Maar zo niet, dan kom Ik spoedig bij u en zal uw kandelaar van zijn plaats wegnemen, als u zich niet bekeert” (Openbaring 2:4-5).

9. Het is een ontvluchting uit het rampgebied van goddelijke oordelen

De tekst in Lukas 21 stelt onomwonden dat de Opname een ontvluchting uit oordelen is:

“Waak dan te allen tijde en bid dat u waardig geacht zult worden om al die dingen die gebeuren

zullen, te ontvluchten, en om te kunnen bestaan voor de Zoon des mensen” (Lukas 21:36).

Het woord “ontvluchten” betekent buiten het rampgebied blijven, niet er behouden doorheen gaan,

zoals sommigen beweren. Net zoals in de dagen van Noach en Lot móéten de rechtvaardigen eerst in een plaats van veiligheid gebracht worden voordat de goddelijke toorn over een Christus-verwerpende wereld uitgestort zal worden. De Heer heeft Zelf de deur van de Ark achter Noach afgesloten voordat de zondvloed begon. In het geval van Lot en zijn gezin heeft de engel erop aangedrongen dat zij de stad moesten verlaten, opdat het vuur en de zwavel niet konden neerdalen terwijl zij daar nog waren. Zij waren nauwelijks weg toen de oordelen van de Heer over de zondaars werd uitgestort. Net zo zal de opname voor ons een uitkomst zijn. Het is een zalige hoop, zoals een helder licht dat aan het eind van een donkere tunnel schijnt. Veel mensen zeggen dat chiliasten aan een ontvluchtingssyndroom lijden, en dat zij hier willen wegkomen zonder hun plicht te doen terwijl zij nog op aarde zijn. Het tegendeel is echter waar. Chiliasten beseffen juist dat zij weinig tijd over hebben om voor de Heer te werken, en daarom zijn zij juist meer gemotiveerd om te doen wat hun hand vindt om te doen. Zij beseffen dat er een verdrukking komt zoals er nooit eerder een op aarde was (Mattheüs 24:21). Als de Heer ons daaruit wil weghalen (Openbaring 3:10), zoals Hij ook met Noach en Lot heeft gedaan, waarom zouden we dan niet deze wonderlijke belofte van de opname aangrijpen en waken en bidden om daarvoor waardig te zijn?

Mensen die cynisch zijn over de belofte van de opname en niet geestelijk voorbereid zijn om de

komende oordelen te ontvluchten, openbaren een erg onverschillige houding, en vertonen niet de

vrucht van wedergeboorte. Wat zou u ervan zeggen indien Noach als volgt zou geredeneerd hebben:

“Ik geloof niet echt dat de Heer de hele aarde door een watervloed zal oordelen, en daarom ga ik

geen Ark bouwen om verdelging in de vloed te ontvluchten”? Of wat zou er van Lot en zijn gezin

geworden zijn indien hij gezegd zou hebben: “Ik denk dat de oordelen over Sodom en Gomorra

metaforisch begrepen moeten worden, en daarom hoef ik met mijn gezin niet te vluchten voor ons

leven. Indien de goddelijke wraak toch letterlijk zou uitgestort worden, dan zal de Heer ons hier te

midden van de vlammen wel bewaren”? De komende oordelen van de verdrukking zijn een vast Bijbels feit dat letterlijk in vervulling zal gaan, en net zo letterlijk zal er voor de kinderen van God een ontvluchten zijn door de opname. We moeten die belofte aanvaarden en hiervoor gereed zijn. De verdrukking van zeven jaar moet niet verward worden met de verdrukking die christenen nu nog altijd in een zondige wereld ervaren als gevolg van hun geloof. De eindtijdse verdrukking is Gods oordeel over een Christus-verwerpende wereld. De ware gelovigen zijn daar helemaal niet voor bestemd: “Want God heeft ons niet bestemd tot toorn, maar tot het verkrijgen van de zaligheid, door onze Heere Jezus Christus” (1 Thessalonicenzen 5:9; vgl. 5:24). Het is een oproep om voor de rechterstoel van Christus te verschijnen De behoefte om vóór de opname klaar te zijn, spruit voort uit de vaste afspraak die alle gelovigen hebben om rekenschap over hun levens af te leggen voor de rechterstoel van Christus. Dit zal onmiddellijk gebeuren nadat wij onze finale bestemming in de hemel bereikt hebben. Het vooruitzicht op de opname confronteert gelovigen erg duidelijk met de verantwoordelijkheid om te verschijnen voor diezelfde Heer Die aan Zijn discipelen de opdracht gaf om het evangelie van redding te verkondigen en daardoor hun plicht te vervullen om het licht in een donkere wereld te zijn en het zout voor een bedorven aarde. Onze Verlosser zal ook onze Koning en Rechter zijn. Een van de uitdrukkelijke redenen voor de opname zal dus zijn ons op te roepen om voor de rechterstoel in de hemel te verschijnen. Paulus zegt: “Want wij moeten allen voor de rechterstoel van Christus openbaar worden, opdat ieder vergelding ontvangt voor wat hij door middel van zijn lichaam gedaan heeft, hetzij goed, hetzij kwaad” (2 Korinthiërs 5:10). Aan de kerk te Rome zei hij: “Zo zal dan nu ieder van ons voor zichzelf rekenschap geven aan God” (Romeinen 14:12). De Heer Jezus zei: “En zie, Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn” (Openbaring 22:12).

Dit oordeel is er niet op gericht de gelovigen van de ongelovigen te scheiden, want slechts ware gelovigen zullen voor Christus verschijnen zodat hun plicht m.b.t. discipelschap beoordeeld kan worden, m.a.w. wat zij gedaan hebben nadat zij tot bekering kwamen. Succesvolle discipelen zullen beloond worden terwijl luie, vleselijke dienstknechten beschuldigd zullen worden (Lukas 19:20-23). In het licht van de belangrijke afspraak voor de rechterstoel moeten we niet op een enge manier aan de opname denken als zijnde slechts een wonderlijke reis naar de hemel toe, zonder inachtneming van hetgeen aan het eind van deze reis op ons wacht. Een inherent deel van de hele ondervinding rond de opname is de verplichting om rekenschap af te leggen van onze aardse levens als christenen tegenover Christus. Om ons te kwalificeren voor de opname moeten we een duidelijk getuigenis hebben van wedergeboorte. Om echter ook volkomen gereed te zijn voor de opname, in termen van wat in de hemel op ons wacht, moeten wij ook getuigen van heiliging en toewijding aan de dienst van de Heer. Omdat slechts wedergeboren christenen deel zullen hebben aan de opname, zullen enkel zij voor de rechterstoel van Christus verschijnen opdat hun werken getoetst kunnen worden met het oog op het genadeloon:“… maar ieder zal zijn eigen loon ontvangen overeenkomstig zijn eigen inspanning. Want Gods medearbeiders zijn wíj . … Ieder dient er echter op toe te zien hoe hij daarop bouwt. Want niemand kan een ander fundament leggen dan wat gelegd is, dat is Jezus Christus. Of nu iemand op dit fundament bouwt met goud, zilver, edelstenen, hout, hooi of stro, ieders werk zal openbaar worden. De dag zal het namelijk duidelijk maken, omdat die in vuur verschijnt. En hoe ieders werk is, zal het vuur beproeven. Als iemands werk dat hij op het fundament gebouwd heeft, standhoudt, zal hij loon ontvangen. Als iemands werk verbrandt, zal hij schade lijden. Hijzelf echter zal behouden worden, maar wel zo: als door vuur heen” (1 Korinthiërs 3:8-15). Wij worden duidelijk niet door werken gered maar door geloof. Jakobus beklemtoont echter het feit dat geloof zonder werken dood is (Jakobus 2:26). In het leven van een waar christen moeten er werken zijn die bij de bekering passen. Voor de rechterstoel in de hemel zal een genadeloon toegekend worden voor werken die middels de instaatstellende kracht van de Heilige Geest gedaan werden. Sommige dienstknechten hebben hun talenten (zie Mattheüs 25:14-30; Lukas Mattheüs 25:14-30) goed gebruikt en zullen veel loon ontvangen. Anderen hebben deze talenten minder productief gebruikt en zullen minder loon ontvangen. En er zullen er zelfs zijn die hun talenten begraven hebben en met lege handen voor de Heer staan – gered als door vuur heen!

Hierna de vijf kronen waarvoor christenen zich in de dienst van de Heer kunnen beijveren:

– De onverderfelijke kroon (SV1977) voor een heilige en dienstbare levenswandel (1 Korinthiërs

9:24-25).

– De erekroon voor zielenwinners (1 Thessalonicenzen 2:19).

– De onverwelkelijke kroon der heerlijkheid (SV1977) voor getrouwe herders die niet door hoogmoed of hebzucht gemotiveerd waren (1 Petrus 5:2-4).

– De kroon van het leven voor christenmartelaren en allen die zwaar beproefd zijn tijdens hun

aardse leven (Openbaring 2:10; Jakobus 1:12).

– De kroon der rechtvaardigheid (SV1977) voor hen die Christus’ komst liefgehad hebben, in het

licht daarvan geleefd hebben en geen mensgemaakt koninkrijk nagejaagd hebben (2 Timotheüs

4:8)

11. Het is een reis naar de hemelse bruiloft

Na de verschijning voor de rechterstoel van Christus wordt de bruid met haar hemelse Bruidegom

verenigd om nooit meer van Hem gescheiden te worden. Het grote verlangen naar de opname is dus

tezelfdertijd een verlangen om op de bruiloft van het Lam te zijn. “Gereedgemaakt als een bruid die

voor haar man sierlijk gemaakt is” (Openbaring 21:2; zie ook Psalm 45:10-16) Jezus Christus is niet enkel onze verlossing, maar ook onze heiliging:“… zoals ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zich voor haar heeft overgegeven, opdat Hij haar zou heiligen, door haar te reinigen met het waterbad door het Woord, opdat Hij haar in heerlijkheid voor Zich zou plaatsen, een gemeente zonder smet of rimpel of iets dergelijks, maar dat zij heilig en smetteloos zou zijn” (Efeziërs 5:25-27). Hebt u zich aan Christus toevertrouwd voor uw heiliging? Van de bruid wordt gezegd: “En het is haar gegeven zich met smetteloos en blinkend fijn linnen te kleden, want dit fijne linnen zijn de

gerechtigheden van de heiligen” (Openbaring 19:8).

12. Het is een reis naar ons eeuwige huis

De Heer Jezus heeft beloofd dat Hij zal terugkomen om Zijn bruid op te halen en naar haar hemelse

huis te brengen. Vóór Zijn hemelvaart heeft Hij gezegd:“In het huis van Mijn Vader zijn veel woningen; als dat niet zo was, zou Ik het u gezegd hebben. Ik ga heen om een plaats voor u gereed te maken. En als Ik heengegaan ben en plaats voor u gereedgemaakt heb, kom Ik terug en zal u tot Mij nemen, opdat ook u zult zijn waar Ik ben” (Johannes 14:2-3). Deze woning in de hemel is zo wondermooi dat ze niet in menselijke woorden beschreven kan worden. De Bijbel zegt: “Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben” (1 Korinthiërs 2:9). Naar zo’n plaats weggevoerd te worden is inderdaad een blij vooruitzicht!

13. Het leidt naar de aanvaarding van onze rechterlijke en koninklijke positie

De verheerlijkte christenen zullen na de opname samen met Christus de wereld oordelen in gerechtigheid en daarna als koningen samen met Hem hier op aarde regeren. In Openbaring 4 en 5 wordt de verheerlijkte kerk als 24 ouderlingen met kronen op hun hoofden voorgesteld:

“En zij zongen een nieuw lied en zeiden: U bent het waard om de boekrol te nemen en zijn zegels te openen, want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke

stam, taal, volk en natie. En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij

zullen als koningen regeren over de aarde” (Openbaring 5:9-10).

14. Het is een vaste verzekering van zegen vóór de oordelen

Een finaal argument ten gunste van een opname vóór de verdrukking is het feit dat het boek Openbaring dispensationeel en chronologisch geschreven is. Eerst wordt de kerkbedeling in Openbaring 2 en 3 beschreven, daarna wordt het toneel in Openbaring 4 en 5 naar de hemel verschoven waar we de verheerlijkte kerk aantreffen, vlak na haar wegvoering naar de hemel toe. Zij worden als 24 ouderlingen uit alle naties (Openbaring 5:9-10) voorgesteld. In Openbaring 6 tot 19 wordt de zeven jaar lange verdrukking beschreven die door de zichtbare komst van Christus beëindigd zal worden. In Openbaring 21 en 22 zien we de nieuwe hemel en aarde die na het eindoordeel aan het einde van het duizendjarige vrederijk geschapen zal worden. Wij bevinden ons thans in Openbaring 3, in de zevende en laatste kerkperiode, kort voor het einde van de kerkbedeling. De geestelijk lauwe, afvallige en materialistische kerk van Laodicea is thans

overheersend in de wereld. Binnenkort zal de ware kerk door middel van bazuingeklank opgeroepen worden naar de hemel toe. Het zijn duidelijk de discipelen van de Heer Jezus die de belofte gekregen hebben dat Hij hen zal komen halen nadat Hij voor hen een plaats is gaan bereiden (Johannes 14:2-3). Niet iedereen die zich als christen beschouwt is waarlijk gered (Mattheüs 7:21-23), en daarom kan niet iedereen van hen op de belofte van de opname aanspraak maken. De volgorde van het eindtijdse gebeuren, waarin gelovigen eerst beveiligd en gezegend worden voordat de goddelozen geoordeeld worden, wordt ook door Christus in een gelijkenis bevestigd. In Lukas 19:11 (de gelijkenis van de talenten) zegt Hij dat wanneer Hij als Koning terugkeert, Hij zijn dienstknechten zal verzamelen om hen loon voor hun arbeid te geven. Nadat Hij dit gedaan heeft, zal Hij Zich tot Zijn vijanden richten en hen oordelen omdat zij geweigerd hebben Hem als Koning en Verlosser te aanvaarden. Een belofte om u geestelijk te verheffen! Beseft u hoe actueel de opname voor elk christen is, hoe dramatisch de gebeurtenissen zijn die daarmee samenhangen, en hoezeer het nodig is om hiervoor gereed te zijn? Het Christendom zal geestelijk verarmd raken als deze belofte, en al de verantwoordelijkheden die ze meebrengt, niet duidelijk verkondigd wordt. Zonder het bijbels profetisch perspectief op de eindtijd zullen we onzeker zijn over wat de toekomst inhoudt, zullen we in de duisternis rondtasten en onze prioriteiten niet goed kunnen bepalen. “En wij hebben het profetische woord, dat vast en zeker is, en u doet er goed aan daarop acht te slaan als op een lamp die schijnt in een duistere plaats, totdat de dag aanbreekt en de morgenster opgaat in uw hart” (2 Petrus 1:19). Terwijl we de naderende voetstappen van de Heer kunnen horen, moeten we er heel zeker van zijn dat wij Hem inderdaad toebehoren, anders zal Hij aan ons voorbijgaan wanneer Hij zijn kinderen komt halen. De ongeredde naamchristenen die nooit een ontmoeting met de Heer Jezus gehad hebben, en slechts een “schijn van godsvrucht” (2 Timotheüs 3:5) hebben, zullen tevergeefs op een dag voor de grote witte troon op hun kerkelijke ambten, titels, wonderwerken en bevrijdingsbedieningen roemen. Het volgende is tegen valse leraars gericht: “Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is. Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan? Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt! (Mattheüs 7:21-23). Dit hoeft echter niet zo af te lopen. Als ons hart door wedergeboorte veranderd is en ook door de vervulling van de Heilige Geest brandend voor de Heer, zullen wij waardig zijn om de hemelse Bruidegom te ontmoeten wanneer Hij aan het eind van de kerkbedeling komt. Hij heeft tot Zijn discipelen gezegd: “Laten uw lendenen omgord zijn en de lampen brandend. En u, wees gelijk aan mensen die op hun heer wachten, wanneer hij terugkomt van de bruiloft, om hem, als hij komt en klopt, meteen open te doen. Zalig zijn die slaven die de heer bij zijn komst wakend zal vinden. Voorwaar, Ik zeg u, dat hij zich zal omgorden en hen aan tafel zal nodigen en bij hen zal komen om hen te dienen. En als hij komt in de tweede nachtwake of als hij komt in de derde nachtwake en hen zo aantreft, zalig zijn die slaven” (Lukas 12:35-38).

NB Het dispensationalisme (in Nederland ook wel “bedelingenleer” genoemd) is een systematisch-theologisch kader, dat ervan uitgaat dat Gods plan met de wereld kan worden opgedeeld in verschillende bedelingen.

Zij kan worden gezien als de evangelische tegenhanger van de verbondsleer, die vooral in reformatorische kringen wordt verkondigd. Zij onderscheidt zich van de verbondsleer door een sterke scheiding te maken tussen (Gods plan met) Israël en de Kerk. Ook leggen dispensationalisten meer nadruk op de scheiding tussen het oude verbond en het nieuwe verbond. De Wet van Mozes, zo geloven dispensationalisten, is gegeven aan Israël, als in een huwelijksverbond, en moet niet worden opgelegd aan heidenen. Bovendien is de Wet niet meer van toepassing volgens dispensationalisten, omdat Christus de Wet zou hebben vervuld.

De Scofield Reference Bible geeft de volgende definitie van een bedeling: “Een bedeling is een tijdsperióde, gedurende welke de mens wordt getest op gehoorzaamheid aan een specifieke openbaring van de wil van God.”

Het Griekse “oikonoma” dat in de Bijbel wordt vertaald met “bedeling” heeft echter niet zozeer betrekking op een bepaalde tijdsduur, maar op de organisatie van die tijd. Het Griekse woord betekent dan ook letterlijk “economie”, of “huishouding”. Het gaat dus om hoe God met de mens werkt in een bepaalde tijd. Dispensationalisten geloven namelijk dat God door de geschiedenis heen op verschillende wijzen met de mens heeft gewerkt en Zich op verschillende manieren aan de mens heeft geopenbaard.

De “traditionele” bedelingenleer onderkent over het algemeen zeven bedelingen:

Bedeling van de onschuld – van schepping tot zondeval;

Bedeling van het geweten – van zondeval tot zondvloed;

Bedeling van het menselijk bestuur – van zondvloed tot spraakverwarring in Babel (Noachitische wet);

Bedeling van de Belofte – van de roeping van Abraham (direct na spraakverwarring) tot de Wet;

Bedeling van de Wet – van de instelling van de Wet, op de Sinaï, tot de dood van Christus;

Bedeling van de Genade – van de opstanding tot de wederkomst van Christus;

Bedeling van het Messiaanse Vrederijk of Duizendjarige rijk – van Wederkomst tot het laatste oordeel.

Het dispensationalisme is binnen de systematische theologie het enige alternatief op de verbondstheologie. Hoewel het gedachtegoed achter het dispensationalisme al eeuwenoud is, ontwikkelde deze theologie zich pas écht sinds begin 19e eeuw. Tot die tijd was de heersende opvatting dat God slechts één volk had, de Kerk, die de plaats van Israël voorgoed had ingenomen. Het dispensationalisme is van grote invloed geweest op de ontwikkeling van de evangelische stroming binnen het christendom, met name in Amerika. Ook in Nederland werd de bedelingenleer tot de jaren zeventig van de 20e eeuw gezien als kenmerk van de evangelische beweging. Sinds die tijd heeft het dispensationalisme in Nederland veel aan populariteit verloren, zelfs dusdanig dat de meeste evangelischen tegenwoordig geen dispensationalisten meer zijn. De focus binnen de evangelische beweging is sinds de jaren zeventig verschoven van de “leer” naar de “beleving” van het geloof. Men spreekt daarom ook wel over de “klassiek-evangelische beweging”, als het gaat om de vroegere evangelische beweging.

NB we worden in rap tempo tot groepen gereduceerd. Niet wat je bent, bepaalt maar tot welke groep je hoort of welke kleur je hebt of tot welk slachtofferschap je je kunt wenden. Groepsdruk en groepsdenken zijn het voorportaal naar dictatuur. En dat kan gepaard gaan met burgeroorlog.

We kennen doublethink en groupthink en de gevolgen uit de boeken van Aldous Huxley en George Orwell. Ik heb meerdere keren over dissonantie en cognitieve dissonantie geschreven ( zie o.a. nadenkertjes) Het gebeurt onder onze ogen. Alles moet kapot en alles wordt omgekeerd en mensen blijven alles goedpraten en als het moet worden ze opportunisten. Als hun belangen, hun positie niet geschaad wordt, zal het ideaal, zal hun eigenlijke taak ze een zorg zijn.

Libanon was eens een prachtig land. Het Zwitserland van het midden oosten. Door groepsdenken wat bevorderd werd door “hen” , ging het land een 15 jarige burgeroorlog in. Dat land is kapot gemaakt. Zo wordt de V.S. Nu kapot gemaakt. “Links” vecht tegen “rechts” maar beide kanten worden door “hen” gekocht en gecontroleerd. Na de V.S. Europa. Dit alles past in een groter plan. Laat je niet van de wijs brengen. Jij bent je eigen unieke wezen zoals God het bedoeld heeft. Een christen is een eigen uniek wezen dat bedoeld is om God te dienen en niet om wereldse heren te dienen die je afdanken na het vuile werk voor hen te hebben gedaan. De enige groep waartoe je behoort is de groep van kinderen van God, de groep van de “wijze” maagden die op tijd klaar waren voor het bruiloftsmaal. Word geen dwaze maagd. Alles wat we nu zien gebeuren is geconstrueerd. Net zoals die mensen die zgn. “vips” zijn of BN er. Het zijn geconstrueerde mensen. Het zijn geen originele mensen ook al denkt de meute dat. Het zijn de eenheidsworsten op weg naar de eenheidsreligie in een eenheidswereld. De wereld van de antichrist en de slaven. Wees geen slaaf. Noch in denken noch in doen.

http://www.verhoevenmarc.be/PDF/miljoenen-mensen-fout.pdf

http://www.verhoevenmarc.be/PDF/redenen-voor-opname.pdf

http://www.verhoevenmarc.be/PDF/10maagden.pdf

https://christipedia.miraheze.org/wiki/Chiliasme